Banknr: 1366.60.770 tnv Stichting SpierKracht, Bilthoven
Operatie?
Als een kind met spierdystrofie algehele anesthesie krijgt, kunnen er een aantal ernstige problemen ontstaan die geminimaliseerd kunnen worden door te kiezen voor een optimale combinatie van anesthetica (verdovingsmiddelen), een zorgvuldige evaluatie van de ademhaling- en hartfuncties van het kind en een intensieve controle tijdens en na de operatie. De anesthetica mogen beslist niet de spierverslapper succinylcholine en het inademingsmiddel halothane bevatten, aangezien deze medicijnen levensbedreigende complicaties kunnen veroorzaken, zoals maligne hyperthermie (verhoogde stofwisseling met zeer hoge koorts), rhabdomyolyse (versterkte afbraak van de spieren) en hartritmestoornissen. Niet-depolariserende spierverslappers zoals vecuronium, atracurum en mivacuronium kunnen veilig worden toegepast, zij het in een geringere dosis. Enflurane en isoflurane in plaats van halothane dienen ook te worden vermeden. De dosering van alle andere verdovingsmiddelen moet met zorg worden uitgekozen, aangezien deze allemaal de hartfunctie verminderen, die vaak reeds verzwakt is bij patiënten met Duchenne spierdystrofie, vooral in de latere stadia. Daarom is het belangrijk - en bij grote operaties zelfs verplicht- om voor de operatie uitgebreide controles te doen, zoals een hartecho, elektrocardiogram, longfunctietests en bloedgasanalyses. Het is derhalve van het grootste belang om de anesthesist ruim voor de operatie te informeren over de medische geschiedenis van het kind.
Bron: E. Vroom, Duchenne Parent Project
| Operatie |
| Praktische tips |